Arian de Vette

 

In tegenstelling tot Tim Breukers komt Arian de Vette (Rotterdam 1989) niet uit een kunstenaarsfamilie. Zijn ouders, beiden docent biologie, hebben hem in de ontdekking van zijn kunstenaarschap niet geremd, hoewel zij lang niet altijd begrepen “waar hij mee bezig was”.

De zoektocht begon voor Arian al heel vroeg in zijn jeugd, “omdat hij altijd maar ‘dingen’ wilde maken” en werd serieus professioneel, toen hij zich aanmeldde voor de grafische school. Daar ontdekt hij echter al gauw: ik ben geen graficus. En dus vervolgde hij zijn studie aan de Gerrit Rietveld academie in Amsterdam, met een nadruk op keramiek in zijn eindexamen tentoonstelling. Daar werd zijn werk gezien door Anne Wenzel, die hem uitnodigde voor een vervolgstudie aan het IKKG, instituut voor keramiek en beeldende kunst in Hohr-Grenzhausen (Duitsland). Die studie voltooide hij na twee jaar met de tentoonstelling SUBSTANCE in het Ludwig Museum & Mittelrhein Museum van Koblenz, in 2017.

Nu, nog voordat hij zijn installatie in klooster Bredelar gaat opbouwen, is hij uitgenodigd om verder te werken aan zijn carrière in de Rijksacademie in Amsterdam, een zeer eervolle selectie, waarvoor slechts weinigen in aanmerking komen.

Het begrip ‘substantie’ moet je, zo blijkt uit de gesprekken met hem, heel letterlijk opvatten. In al zijn installaties tot nu toe combineert hij eigenhandig gemaakte werken van keramiek met andere materialen. Zo zet hij ‘het warme keramiek’ af tegen ‘het koude plastic’ en onderzoekt hij hoe het keramische volume stand houdt tegenover foto’s en digitale video’s. Een van de belangrijkste inspiratiebronnen bij dit onderzoek is zijn vraag naar de verhouding tussen moderne techniek en het menselijk lichaam. Hoe passen wij ons aan, met onze in duizenden jaren geëvolueerde lichamen, aan de snel voortschrijdende techniek: aan digitale mobiele communicatie, razendsnel verkeer, overvolle agenda’s en planningen, gemodificeerd voedsel en nieuwe bronnen van energie.

Terwijl Tim Breukers zich in Bredelar richt op het derde thema: de functie van het klooster als cultureel centrum nu, ligt het daarom veel dichter bij Arian om zich te verhouden tot het tweede thema, de vorige fase waarin het klooster werd ontwikkeld tot hoogoven en later tot een conglomeraat van industriële bedrijfjes.

Natuurlijk geldt ook voor Arian dat hij zich zal laten inspireren door het werk van Sjoerd Buisman, dat nog het dichtst ligt bij het eerste thema, het klooster als agrarisch en wetenschappelijk centrum. Want de spanning tussen techniek en leven speelt ook al in de middeleeuwen, als de mens onderzoekt hoe hij de natuur naar zijn hand kan zetten, en later, als de kunstenaar Sjoerd Buisman op zijn beurt reflecteert op onze verhouding met groeiwijzen die zich voordoen in en buiten ons lichaam.

De curator kan weliswaar de overeenkomsten waarnemen in de interesses van de kunstenaars, tot een letterlijke vertaling kan hij ze niet dwingen. Dat is maar goed ook. Juist het gegeven dat zowel Arian als Tim volkomen vrij zijn in hun omgang met de specifieke locatie van het klooster, maar ook met de werken van Sjoerd Buisman die daar worden geïnstalleerd, geeft deze tentoonstelling zijn bijzondere lading. Wij kijken intussen reikhalzend uit naar de installaties die in het klooster gaan komen.

Natura 2017

De werken van Arian de Vette

Site specific installatie in de gewelven van Klooster Bredelar, Duitsland

Verspreid over de 2 verschillende gewelf ruimtes van klooster Bredelaar bevinden zich sculpturen en (gevonden) objecten in een atmosfeer van fel wit licht en melkachtig plastic folie.
De installatie, met de zelf refererende titel Bredelar, 2017, brengt eerder ontstaan werk samen met nieuw, speciaal op locatie ontwikkeld werk. Bredelar 2017 legt op intrigerende wijze het spanningsveld tussen natuur en industrie, heden en verleden op de locatie van het klooster Bredelar bloot.
Typisch voor het werk van Arian de Vette is dat binnen zijn installaties de verschillende werken vaak bevraagd wordt door het in contrast te plaatsen met werk uit een ander soort medium. Zo worden sculpturen uit keramiek, gebruikmakend van de haast archaïsche, oorspronkelijke kwaliteiten van het materiaal, gecombineerd met moderne vormen van communicatie en documentatie, laptops en flatscreens, leidend tot een complex geheel wat tegelijkertijd schijnbaar vanzelfsprekend is.
Gefragmenteerd, vaak als een element van een groter geheel, en gebruikmakend van verschillende media toont hij binnen zijn werk de samensmelting van onderwerpen als taal, techniek, natuur en de verhouding tot ons lichaam en zijn snel veranderende omgeving.
Deze terugkerende onderwerpen binnen zijn werk worden op intuitive wijze samengebracht met gemanipuleerd beeldmateriaal uit de omliggende wereld in de vorm van video loops. Vondsten die leiden tot een complex geheel van fasen overgangen die een voortdurende dialoog veroorzaken en tot stand brengen.
Het keramiek werk met de titel Model for X, 2016-2017 wordt binnen de installatie in een nieuwe setting getoond in de achterste gewelf ruimte. In de ruimte zelf is een architectonische ingreep door middel van een kooi achtige constructie uit een combinatie van staal en steiger-net het eerste dat opvalt. De sculptuur uit keramiek, verwijzend naar een studie naar de vorm van de
letter X, steekt af tegen zijn met plastic bedekte sokkel en het felle industrieel licht in de gewelf ruimte.
Opvallend binnen de installatie is ook het gebruik van een (vroeg) afgietsel in brons van de kunstenaar Sjoerd Buisman. Buisman’s oeuvre dat elders in de tentoonstelling te zien is wordt binnen de installatie als het ware opnieuw geactiveerd. In een vorm van appropriation krijgt dit brons afgietsel van een wilgentak in het werk White Willow, 75’- 2005 S. Buisman, 2017, een hernieuwende betekenis. Letterlijk ook, vast gebundeld aan het werk, loopt een stroomkabel die stroom doorgeeft aan een felle led lamp en 1 van de andere video werken in de ruimte.
Het tweetal aanwezige video werken, die in de omliggende gebouwen van het klooster en de omgeving van Bredelar zijn  opgenomen, met de titels Past Swing (2017) en Extended, Grid (2017) zijn herhalend en traag. Met een bijna hypnotiserende werking trachten de werken te reflecteren de het huidige Bredelar. Op 1 van de video werken (Past Swing, 2017) is het restant te zien van iets dat op een industrieel werktuig lijkt. Gevangen in een eeuwige ‘loop’ beweegt het beeld zich al schommelend heen en weer. Het beeld lijkt hierdoor vooral gevangen in zichzelf, en lijkt daarin zijn geschiedenis en de omgeving mee te nemen.

(Klik op de foto's hieronder voor een vergroting)